CAO8 min lezenBijgewerkt op

De CAO voor Uitzendkrachten uitgelegd

Eén CAO-tekst voor ABU- en NBBU-leden, maar twee verschillende lidmaatschappen. Wat regelt de CAO, en welke onderdelen kosten u in de praktijk het meeste werk?

Wie in Nederland arbeidskrachten ter beschikking stelt, valt vrijwel altijd onder de CAO voor Uitzendkrachten. Die CAO bepaalt niet alleen wat u de uitzendkracht moet betalen, maar ook hoe lang iemand flexibel kan worden ingezet, welke reserveringen u moet opbouwen en wanneer pensioenopbouw begint. Voor een uitzendbureau is de CAO dus geen juridisch randverschijnsel: het is de motor onder uw hele administratie.

ABU en NBBU: één tekst, twee verenigingen

Historisch bestonden er twee uitzend-CAO’s naast elkaar: die van de ABU (Algemene Bond Uitzendondernemingen) en die van de NBBU (Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen). Ze verschilden op belangrijke punten — het bekendste voorbeeld is dat de eerste fase bij de NBBU langer duurde dan bij de ABU.

Sinds 2023 hanteren ABU en NBBU één gezamenlijke CAO-tekst voor uitzendkrachten. De inhoudelijke regels zijn daarmee gelijkgetrokken. Wat níet gelijk is: het lidmaatschap, de controle en de contributie. U bent lid van de één of van de ander (of van geen van beide, en dan geldt de CAO alsnog vaak via algemeenverbindendverklaring). Uw keuze bepaalt bij wie u wordt gecontroleerd, niet welke loonregels gelden.

Praktisch gevolg

De vraag “werkt uw software met de ABU- of de NBBU-CAO?” is sinds de harmonisatie minder scherp dan hij klinkt. De relevantere vraag is: kan het systeem CAO-parameters (fasegrenzen, reserveringspercentages, toeslagen) per CAO vastleggen en per medewerker toepassen? Zonder die laag zit uw CAO in spreadsheets.

Wat de CAO in de kern regelt

  • Het fasensysteem — hoe lang iemand flexibel mag worden ingezet voordat er meer zekerheid ontstaat (fase A, B en C).
  • Gelijkwaardige beloning — de arbeidsvoorwaarden van de uitzendkracht zijn gelijkwaardig aan die van een vergelijkbare werknemer bij de opdrachtgever (t/m 2025 heette deze systematiek inlenersbeloning).
  • Reserveringen — vakantiegeld en vakantiedagen als vaste reservering (vanaf 2026: 19,25%); doorbetaling van feestdagen en kort verzuim volgt uit de arbeidsvoorwaarden van de opdrachtgever.
  • Pensioen via StiPP — het bedrijfstakpensioenfonds voor personeelsdiensten; sinds 1 juli 2023 zonder wachttijd en sinds 1 januari 2026 met één nieuwe regeling.
  • Het uitzendbeding — de afspraak dat de uitzendovereenkomst eindigt als de opdracht eindigt. Dit mag alleen in de eerste fase.
  • Aanvullende regels rond ziekte, scholing, huisvesting en arbeidsmigranten.

De vier onderdelen die uw administratie het zwaarst belasten

1. Fase-registratie per gewerkte week

Het fasensysteem telt in gewerkte weken, niet in kalenderweken. Een week waarin niet is gewerkt telt niet mee, en een onderbreking van voldoende lengte kan de teller terugzetten. Dat betekent dat u per medewerker een lopende telling moet bijhouden die reageert op de daadwerkelijk geregistreerde uren. Handmatig gaat dit vrijwel altijd een keer mis — en de fout komt pas aan het licht wanneer iemand ineens rechten blijkt te hebben opgebouwd die u niet had ingecalculeerd.

2. Gelijkwaardige beloning per opdrachtgever

De gelijkwaardige beloning (t/m 2025: inlenersbeloning) is geen enkel getal maar een totaalpakket: het volledige arbeidsvoorwaardenpakket van een vergelijkbare werknemer bij de opdrachtgever — loon, toeslagen, vakantie, reiskosten en pensioenwaarde. Werkt u voor vijf opdrachtgevers in drie sectoren, dan onderhoudt u effectief vijf beloningsregimes naast elkaar.

3. Reserveringen die meelopen met elke urenregel

Reserveringen bouwen per gewerkt uur op en worden later uitbetaald. Ze moeten zichtbaar zijn op de loonstrook, ze vormen een verplichting op uw balans, en bij uitbetaling gelden andere fiscale regels dan bij regulier loon. Wie reserveringen alleen op jaarbasis benadert, ziet zijn liquiditeitsbeeld structureel te rooskleurig.

4. StiPP-pensioen vanaf de eerste week

Sinds 1 juli 2023 bouwt elke uitzendkracht vanaf de eerste gewerkte week pensioen op bij StiPP; per 1 januari 2026 geldt één nieuwe regeling (totale premie 23,4%, uurfranchise € 9,24). De aansluiting hangt samen met dezelfde wekentelling als het fasensysteem — reden te meer om die telling geautomatiseerd en controleerbaar te houden.

Hoe GNR Software hiermee omgaat

In GNR Software leggen we CAO-parameters vast als data, niet als code: fasegrenzen, reserveringspercentages en toeslagregels horen bij een CAO, en een CAO wordt aan een bureau of aan een specifieke opdrachtgever gekoppeld. De fasetelling loopt automatisch mee met de goedgekeurde urenregistratie en waarschuwt vóórdat een grens wordt bereikt.

Bekijk hoe het werkt

Veelgemaakte fouten

  • De fasetelling op kalenderweken baseren in plaats van op gewerkte weken.
  • Een onderbreking wel administratief verwerken maar de fasetelling niet corrigeren.
  • De gelijkwaardige beloning beperken tot het uurloon en toeslagen, en vakantie, reiskosten of pensioenwaarde vergeten.
  • Reserveringen als “kosten later” behandelen in plaats van als verplichting nu.
  • Aannemen dat een oud NBBU-scenario nog geldt terwijl de tekst inmiddels is geharmoniseerd.
Geen juridisch advies

Dit artikel is een toelichting in gewone taal en geen juridisch advies. De CAO-tekst, de wet en de tabellen van de Belastingdienst zijn altijd leidend. Twijfelt u over een concreet geval? Leg het voor aan uw brancheorganisatie, uw accountant of een arbeidsrechtjurist.

Veelgestelde vragen

Is er nog verschil tussen de ABU-CAO en de NBBU-CAO?

Inhoudelijk hanteren ABU en NBBU sinds 2023 één gezamenlijke CAO-tekst voor uitzendkrachten. Het verschil zit in het lidmaatschap, de contributie en de controle-organisatie, niet meer in de loon- en fasenregels.

Geldt de CAO ook als ik nergens lid van ben?

Vaak wel. Grote delen van de CAO worden algemeen verbindend verklaard, waardoor ze ook gelden voor uitzendondernemingen die geen lid zijn van ABU of NBBU. Ga altijd na welke bepalingen op uw situatie van toepassing zijn.

Welke onderdelen van de CAO moet software minimaal ondersteunen?

De fasetelling per gewerkte week, de gelijkwaardige beloning per opdrachtgever, de reserveringen per gewerkt uur en de aansluiting op StiPP. Zonder deze vier blijft er handwerk in spreadsheets over.

Bronnen

Verder lezen

Deze regels in software, niet in spreadsheets

GNR Software is gebouwd voor Nederlandse uitzendbureaus: fasen, inlenersbeloning, reserveringen, G-rekening en verloning in één systeem.